1925 – 1930

1925 - 1926

circa 40 leden

Kampen

– Kluisberg
– Trektochten Diest

Scoutsreglement

In het Scoutsbladje verschijnt een Voorlopig Reglement :

Het is de scouten verboden :

1) een vergadering te beleggen of te houden niet bijgewoond van Scoutsmaster of Aalmoezenier buiten het Hoofdkwartier. De scouten die deze onwettige vergadering bijwo­nen zullen uitgesloten worden.

2) Het is aan de scouten verboden troepsma­teriaal thuis te bewaren.

3) Alle troepspapieren zullen alleen berusten bij de scoutsmaster.

4) Geen afzonderlijke uitstappen zullen mogen plaats hebben zonder bijzijn van Scoutsmaster of verantwoordelijk gestelde.

5) Rovers kunnen enkel een uitstap doen mits aanvraag en goedkeuring van plaatselijke en districtoverheid.

6) De scouten die driemaal achtereenvolgens de H.Communiemis op de 2de zondag niet bijwonen zonder gegronde reden op voorhand aangemeld worden uitgesloten.

7) Tuchtstraffen worden alleen gegeven door scoutsmaster. Uitsluitingen tijdelijk of voor­goed door de hogere raad.

8) De scouten die uitgenodigd zijn voor een dringende vergadering en niet beantwoorden, zullen gestraft worden als ze niet schriftelijk de master op voorhand verwittigen.

9) Bij uitstap of kamp zal er alleen materieel afgegeven worden, wanneer een verantwoor­delijk gestelde foerier aangesteld is, welke dan ondertekent het materieel ontvangen te heb­ben.

10) Materiaal gelijk hetwelk is eigendom van de troep. Deze parochiaal werk zijnde, blijft bij ontbinding eigendom van ’t beheer der Jeugdwerken.

11) De scouten zullen minstens maandelijks 1 frank of wekelijks 0,25 fr betalen, al het stort­geld blijft hun persoonlijke eigendom en dient voor uitstappen, kampen enz.

12) Als een scout de troep verlaat of door zware reden uitgesloten wordt, zal er een som van 25% in kas blijven voor de troep.

13) Het stortgeld kan niet teruggevraagd worden.

1926 - 1927

circa 30 leden

Verder bergafwaarts

Gerard Waeytens neemt na 8 jaar ontslag en omdat de verkennerstroep bijna geen succes meer had, grijpt het district in en geeft aan D.S.M. Roegiers de leiding van de groep. Doch ook dat vlotte hoegenaamd niet. Tot overmaat van ramp wordt de V.T.-stam door de aalmoezenier ontbonden.

1927 - 1928

circa 20 leden

H.D.B. verlaat Gentbrugge

Omdat het met de districtsscoutsmaster Roegiers ook niet lukt, wordt Leon De Koker als scoutsmaster aangesteld en stilaan herleefde de groep. Na een drietal maanden worden echter met instemming van de aalmoezenier de lokalen in de Vredestraat verlaten en verhuist de groep naar Merelbeke-Station, waar de scoutsmaster niet ver vandaan woonde. Nieuwkomers sloten zich daar aan en ook de groepsvlag en alle materiaal verhuisde naar het nieuwe lokaal. De voortrekkers, die met de hele toestand niet akkoord konden gaan, bleven in Gentbrugge verderwerken. De toekomst van de groep was nog nooit zo onzeker geweest.

Fietstocht door België

Nochtans was het scoutsjaar in september door een aantal rovers zeer sportief ingezet. Een fietstocht van 657 km bracht hen in een week langs de mooiste plekjes van België : Antwerpen – Lier – Aarschot – Hasselt – Maastricht – Luik – Verviers – Jalhay – Remouchamps – Vielsalm – Bastogne – St.-Hubert – Rochefort – Dinant – Namur – Gosselies – Mons – Lessines – Geraardsbergen.

1928 - 1929

10 leden

Kamp

Aarlen

Verzet

De redding van onze groep kon enkel van de roversclan uitgaan. Zij hadden immers al die jaren de jonge H.D.B.-traditie verder gedragen en wilden hun tien jaar scoutservaring niet in het niets zien eindigen. Zij vonden veel steun bij de familie De Bruyker, die om begrijpelijke redenen steeds met het wel en wee van de groep begaan was. Samen legden zij klacht neer bij het district en de parochiale overheid. Bij E.H. pastoor Bekaert werd onmiddellijk gehoor gevonden. Het district reageerde echter niet zo happig. Uit nader onderzoek was immers gebleken dat heel wat H.D.B.-scoutsmateriaal in een districtslokaal en ook bij andere groepen verspreid lag. Het district was bovendien van mening dat Gentbrugge geen recht meer had op het materiaal, omdat de groep nu in Merelbeke opereerde. Een verslag uit die tijd maakt gewag van Leon De Koker die aan de telefoon formeel weigerde de troepsvlag af te staan.

1929 - 1930

26 leden

Kampen

– Lembeke (19/4 – 21/4)
– Bergenkruis (29/5)
– Lembeke (7/6 – 9/6)
– Lembeke (19/7 – 27/7)

Bescheiden start

Terwijl in Merelbeke de groep de naam Sint-Hubertus aannam, werd in Gentbrugge de H.D.B. zo goed als opnieuw begonnen met amper 4 jongens. Onderpastoor Deweer was aalmoezenier. Tegen nieuwjaar waren er al twee patrouilles en ook al een paar welpen.

Wie niet sterk is, moet slim zijn

Omdat het maar niet wou lukken om de groepsvlag weer in handen te krijgen, werd een sluw plan gesmeed. Na enkele maanden recruteren zou het mogelijk zijn een scoutsfeest te organiseren, waarop de gouwcommissaris de groepsvlag plechtig aan de groepsleider zou overhandigen. Na veel tegenstribbelen van de districtsraad trapten ze er toch in en zo kwam de vlag terug en werd ze op 23 februari 1930 op het groepsfeest plechtig in ontvangst genomen.

Vlaams Verbond der Katholieke Scouts

Al in 1926 kwam er langzaam een kentering in de hogere scoutsleiding. Er was een streven naar vervlaamsing sinds het afscheuren van enkele Brusselse collegegroepen. Het Leidersblad werd opgericht en verschillende leiderscursussen werden georganiseerd. In 1928 kwam het Vlaams Scouts Pers Comité tot stand en met ingang van 1 januari 1930 was het Vlaams Verbond der Katholieke Scouts (V.V.K.S.) met G. De Hasque als eerste voor­zitter een feit.